Het is 26 februari 1943. Ik zit op de tafel met mijn voeten op een stoel. Eigenlijk mag dat niet, maar mijn mamma zegt er niets van. Ik heb al 4 zusjes en 2 broertjes en we krijgen er een zusje of broertje bij.
Mamma huilt omdat pappa weg is. Ze zeggen dat pappa is ondergedoken. Ik ben bang,omdat ik niet weet of hij kan zwemmen.
Op 8 juli wordt een broertje geboren. Hij heet Jan, net als pappa.
Misschien wordt hij wel politieagent, ook net als pappa.
Diezelfde maand is mamma jarig en begint ook de grote vakantie. Ik weet niet waarom, maar wij gaan allemaal ergens anders heen. Ik ga naar Schalkwijk bij wildvreemde, lieve mensen. Ik ben dan 8 jaar en pappa is nog altijd weg.
Opeen staat pappa in september 1943 voor de deur in Schalkwijk. Hij is niet verdronken en ik moet erg huilen. Maar pappa komt de mensen vragen of ik langer mag blijven. Wij kunnen nog niet naar huis, want de Duitsers hebben de deur op slot gedaan en de sleutel meegenomen. Ik blijf achter in Schalkwijk en ga daar naar school.
Op mijn verjaardag op 10 november 1943 doet iedereen heel geheimzinnig. Wij lopen naar de bushalte en daar stapt mamma uit met 2 zusjes en het kleine broertje. Ik herken ze haast niet meer. Pappa is er niet bij.
Pas in april 1944 mag ik weer naar naar huis. De duitsers hebben de sleutel teruggegeven. Thuis gaat iedereen weer naar school. Pappa is dan nog steeds niet thuis.
Wij hebben weinig te eten in januari 1945 en de kleintjes gaan ergens heen. Later gaat ook onze school dicht. In Oudewater waar pappa op een boerderij woont, mag ik 2 weken blijven. Ik slaap bij pappa in een groot bed,dat is fijn. Dan ruil ik met mijn zusje Truus.
In februari 1945 gaat mijn broer Tom samen met 2 tantes eten halen op de fiets. Tom is al 15 jaar. Als de tantes na 6 dagen terugkomen, ligt Tom in het ziekenhuis in Apeldoorn. Hij is beschoten door de Engelsen. Als mamma het nieuw hoort, moet ze veel huilen. Ze gaat op de fiets naar Apeldoorn om Tom te bezoeken, terwijl Opoe op ons past. Ik haal soep in de school,ik vind het heerlijke soep.
Eind maart 1945:Ik zit bij mamma in de kamer als ze een brief schrijft naar Tom. Ik mag er ook wat bijschrijven."stil", zegt ze , ‘ik hoor Toms fluitje.’ De poortdeur gaat open en Tom komt de tuin in. Weer moet mamma huilen en pappa is er nog steeds niet.
5 mei 1945: Hoera! Pappa is eindelijk weer thuis. Iedereen is blij en een jaar later wordt er een broertje geboren. Hij is vernoemd naar een oom die op 5 mei 1945 is doodgeschoten.
Thea Minjon-Vernooij
Geplaatst door: minjon78
Geplaatst op: 16 januari 2010