Janny Groen
Gepubliceerd op 8 februari 2010, 03:21:00, bijgewerkt op 8 februari 2010, 05:30:00
Kaarsrecht, gekleed in een nieuw pak en blakend van zelfvertrouwen liep Nelson Rolihlala Mandela op 11 februari 1990, na 27 jaar gevangenschap, de vrijheid tegemoet. Met opgeheven hoofd stapte hij de poort van de gevangenis uit en liet hij zich naar het hoofdkwartier van het Afrikaans Nationaal Congres in Kaapstad rijden.
Het was een triomftocht van 60 kilometer. Langs de weg stonden duizenden uitzinnige supporters, velen gehuld in de ANC-kleuren geel, groen, en zwart. De ‘comrades’ toyi-toyi-den (de ANC-krijgsdans, waarbij de knieën hoog worden opgetrokken) en scandeerden: ‘Viva Mandela; a luta continua’. De 71-jarige leider hief zijn vuist, als een saluut naar zijn aanhang en als signaal dat hij aan de onderhandelingstafel geen concessies zou doen.
Mandela werd vrijgelaten op voorspraak van de toenmalige president De Klerk, met wie hij later (in 1993) de Nobelprijs voor de Vrede zou delen. De apartheidswetgeving was enigszins versoepeld, het verbod op bevrijdingsorganisaties als ANC (met blanken in de gelederen) en PAC (louter zwart) opgeheven.
Op die 11de februari ging de onderlinge verdeeldheid (tussen ANC-leden, PAC-leden en de Inkathaleden van Zululeider Buthelezi) schuil onder een stralenkrans van collectieve zwarte euforie. Mandela, wiens foto jarenlang niet mocht worden getoond, was in zijn cel uitgegroeid tot een mythische figuur. Een martelaar, de vader van alle zwarten.
Sticker
Zo kon zijn beeltenis mij vijf jaar voor zijn vrijlating redden uit een netelige situatie. Mijn gids in de townships, een ANC-aanhanger, was met zijn auto per ongeluk PAC-gebied ingereden. Daar werden we belaagd door vijandige jongeren. In een opwelling gaf ik een Mandela-sticker aan de leider, die het verboden kleinood kuste. Dat gaf de gids tijd om weg te scheuren.
Een maand na de vrijlating begon de mystiek van Mandela af te bladderen. Althans in Zuid-Afrika. In de provincie Natal bestreden impies (Buthelezi’s aanhangers) en ANC-kameraden elkaar op leven en dood. Ze gaven geen gehoor aan Mandela’s oproep de wapens in zee te gooien.
Hoop en wanhoop gingen hand in hand, zowel in de zwarte als in de blanke gemeenschap. In Pretoria vertelde een blanke vrouw mij dat ze inspiratie putte uit Mandela’s mildheid. ‘Sit die breiwerk en die boekklubboeke opsij en kyk die werklikheid vierkant in die oë (ogen)’, spoorde ze haar Afrikaner achterban aan. Maar in Kaapstad vreesde een witman dat Mandela de zwarte haat niet zou kunnen beteugelen. Hij wilde weg, hij was niet suïcidaal.
Moordpartij
Buiten Zuid-Afrika is Mandela altijd een mythische figuur gebleven. Zo koesteren zwarte Amerikanen eenzelfde genegenheid voor hem als voor hun eigen ‘martelaar’, Martin Luther King. Maar ook blanken adoreren hem, onder wie Amerika’s oud-president Bill Clinton.
De laatste stelde in 1999 Mandela’s verzoeningsgezindheid ten voorbeeld aan grimmige leerlingen van Columbine High School nabij Denver, waar een gruwelijke moordpartij had plaatsgevonden. De leerlingen moesten de haat uit hun harten bannen. Net als Mandela, zei Clinton. ‘Die zat 27 jaar gevangen, maar bleef sterk omdat hij niet toestond dat zijn hart en geest werden vergiftigd.’
De journalist Terry Anderson, die zeven jaar gegijzeld werd door de Islamitische Jihad in Libanon, vertrouwde mij eens toe dat hij Mandela ‘mateloos bewonderde’. Die was zo sterk dat hij de cel boven zijn vrijheid verkoos. Telkens weer verwierp Mandela de voorwaarden van het apartheidsregime. Hij wilde het geweld niet afzweren. Vreedzaam verzet was immers zinloos, omdat dat steevast met geweld werd neergeslagen.
President
Of hij ooit zo principieel standvastig zou kunnen zijn, die vraag vrat aan Anderson. Hij lag daar 's nachts geregeld wakker van. Zelf beschermde hij zijn hervonden vrijheid als een ‘fanatieke waakhond’. Mandela had die vrijheid niet nodig, stelde Anderson. ‘Hij bracht het apartheidsbewind op de knieën vanuit de gevangenis.’
Die alom bewonderde eigenschappen – principiële volharding gepaard aan verzoeningsgezindheid – brachten Mandela na jarenlange moeizame onderhandelingen de ultieme politieke overwinning. In 1994 werd hij de eerste zwarte president van Zuid-Afrika.